Boeken / Fictie

Oorlog en wreedheid

recensie: Phil Klay (vert. Elles Tukker & Maarten van der Werf) - Oorlogsverhalen

‘We schoten op honden.’ Met dit startschot luidt Phil Klay zijn debuutbundel Oorlogsverhalen in, een tocht door het verminkte landschap dat de oorlogen in het Midden-Oosten achterlieten.

Phil Klay (1983 –) diende zelf in tot 2008 als persvoorlichter in Irak. Na terugkomst in Amerika vervolgde hij zijn opleiding en schreef hij de verhalen die eerder dit jaar verschenen als Redeployment – nu door Lebowski uitgegeven als Oorlogsverhalen. De verhalen belichten de oorlogen in Irak en Afghanistan vanuit een reeks invalshoeken. Daarbij laveren ze tussen de strijdgebieden en de situatie aan het thuisfront, waar de soldaten na hun uitzending terugkeren.

Achteloze waanzin


Niet de heroïek of spanning van oorlog staan daarbij centraal, maar de achteloze wreedheid en banaliteit. In ‘Operationeel verslag’ schiet een Amerikaanse soldaat een Iraakse jongen dood. Diens moeder komt net op tijd toegesneld om het bovenlijf van haar zoon uit elkaar te zien spatten. Terug op het legerterrein pakt de soldaat zijn Nintendo DS om Pokémon Diamond te spelen. Zijn metgezel, die getuige was van het voorval, zet de Playstation aan en gaat op in Grand Theft Auto. Het is een vervreemdende scène die doet denken aan Herman Melvilles beroemde uitspraak dat ‘All wars are boyish’.

Een minstens zo absurde situatie kenmerkt ‘Geld als wapensysteem’. In dit verhaal moeten de Amerikanen Iraakse jongeren leren honkballen; daarmee zou immers de kiem van democratie gezaaid worden. Het is een vertoon van Amerikaanse arrogantie dat tegelijkertijd de enorme kloof tussen het leger en de Iraakse bevolking blootlegt. Wat het project oplevert? Een foto van een stel verdwaasde Iraakse ‘honkballers’ voor de Amerikaanse PR-machine. Hoewel Klay zich beperkt tot verslag leggen, klinkt in verhalen als deze ook zijn verontwaardiging door over de soms bizarre politieke besluitvorming.

Het thuisfront


Toch zijn de verhalen die zich in de Verenigde Staten afspelen overtuigender dan de verhalen van het front. Deels is dit omdat de oorlog in het hoofd van de oud-soldaten heftiger naar voren komt door het contrast met de ‘gewone’ wereld, waar alles doorgaat alsof er niets is gebeurd, en waar films en vervormde berichtgeving een schijnvoorstelling van de werkelijke strijd geven. Daarbij komt dat de emotionele en mentale groeven die de oorlog slaat pas volledig aan het licht komen wanneer de personages losgerukt worden uit de afgezonderde wereld in het Midden-Oosten.

Wat dit betreft is het titelverhaal een van de hoogtepunten van Oorlogsverhalen. Het gaat over de vriendschap tussen twee ex-mariniers waarvan de ene door een bermbom onherkenbaar verminkt is geraakt. Ze hebben in een bar afgesproken, waar de zwaar verwonde Jenkins door een meisje wordt geïnterviewd voor een artikel. In de dialoog die ontspint toont Klay zijn schrijverstalent: met een scherpe blik, wrange humor en onderkoelde stijl schetst hij de getroebleerde vriendschap van de twee oud-soldaten, die vooral verbonden worden door hun gedeelde isolatie van de maatschappij.

Anti-oorlogsverhalen


‘Er zijn geen anti-oorlogsfilms’, stelt de verteller in het titelverhaal, ‘Die bestaan niet’. Die (discutabele) stelling is gelukkig niet door te trekken naar de literatuur. Met zijn debuut schaart Phil Klay zich in een rijke traditie van Engelstalige anti-oorlogsschrijvers, van Wilfred Owen tot Kurt Vonnegut en Joseph Heller. Oorlogsverhalen is een vernietigend portret van de gaten die oorlog slaat, in het land waar de strijd zich afspeelt maar ook aan het thuisfront, waar de ‘gelukkigen’ die de oorlog overleefden zich gehavend weer voegen tussen onwetende burgers.