8weekly.nl |
reportage: reportage Holland Festival 2006Melancholia & Hysteria - deel 3door Henri Drost, René Passet, Ellen op de Weegh en Mieke Zijlmans
Zondag 25 juni Zero Degrees - Akram Khan & Sidi Larbi Cherkaoui
Het thema over de reiziger die zijn paspoort moet inleveren en zijn identiteit verliest is de rode draad in de voorstelling. Het is bijzonder om met zo weinig woorden zoveel betekenis te leggen in de bewegingen. Khan en Larbi dansen zeer intensief. Ze rollen over de vloer en wringen zich in allerlei bochten. Zero Degrees is een ontzettend knappe prestatie die ook nog eens enorm beklijft. (Sophie Janssen) Zaterdag 24 juni Scenes from The Tempest - Thomas Adès, Sir Harrison Birtwistle
Het Engelse wonderkind Thomas Adès, geboren in 1971, maar reeds toe aan zijn tweede grote opera en al omschreven als de nieuwe Mozart, weet de inderdaad de wat al te eenvoudige teksten te voorzien van ronduit prachtige muziek. Zijn opera zal voorlopig niet in ons land te horen zijn, maar in het Holland Festival bracht het Radio Filharmonisch Orkest een door Adès zelf samengestelde selectie uit de opera. Vooral de ijle muziek die Adès voor Ariel componeerde, met onvoorstelbaar hoge noten, illustreert dat Adès als weinig andere moderne componisten toegankelijkheid weet te koppelen aan dramatische zeggingskracht, zonder te vervallen in goedkoop effectbejag. Ook de religieuze koormuziek van zijn landgenoot Jonathan Harvey (1939) is zeer emotionerend door op ingenieuze wijze traditie en moderne compositietechnieken met elkaar te verbinden. Veel moderner klinkt Earth Dances van de nestor van de Britse muziek Harrison Birtwistle (1934). Zo modern, dat zeker vijfentwintig mensen voortijdig het Concertgebouw verlieten, onder toeziend oog van festivaldirecteur Pierre Audi, die ook het storende gesnurk van een van de bezoekers achterin de zaal niet ontgaan kan zijn. Maar zij behoorden gelukkig tot de uitzondering en Audi kan terugblikken op een zeer succesvol Holland Festival. Ook de volgende editie belooft een bijzondere te worden, met de wereldpremière van Wagner Dream, een opera van Harvey over de laatste dagen van Richard Wagner, en vooral de Europese première van John Adams' Doctor Atomic, de in de Verenigde Staten met gejuich ontvangen opera over de eerste atoomproef. (Henri Drost)
A Throw of Dice - Nitin Sawhney & Het Metropole Orkest
Het publiek in de zaal van het Muziekgebouw aan 't IJ is een bonte mix van hippe jongeren, grijzende vijftigers in avondkleding en excentrieke neo-hippies. De met Indiase instrumenten doordrenkte dance en pop die Sawhney maakt spreekt duidelijk een totaal ander publiek aan dan het Metropole Orkest. Met meer dan vijftig mensen op het podium belooft het een spannend huwelijk te worden. En zo pakt het ook uit. Het verhaal van A Throw of Dice is gebaseerd op het oude hindoe-epos Mahabharata en verhaalt over twee gokverslaafde koningen, de een slecht, de ander goed. Wie zelf in India heeft gereisd, herkent in de film de woestijn van Jaisalmer, het koninklijk paleis van Udaipur en de chaos (toen ook al!) in de nauwe straatjes. Indrukwekkend zijn de scènes waarin de legers van de prinsen tegen elkaar ten strijde trekken en waar duizenden figuranten aan meedoen. Het is opvallend dat Sawhney's compositie niet altijd synchroon loopt met de gebeurtenissen op het doek. Soms verwijst de muziek naar gebeurtenissen in de toekomst. Zo is tijdens het huwelijksfeest de muziek niet vrolijk maar dreigend, alsof er onheil in de lucht hangt; wat dan ook uitkomt. Later, als het volksleger ten strijde trekt, klinkt geen bombastische marsmuziek maar is de toon vrolijk en opgeruimd. Je ruikt de goede afloop bijna. Natuurlijk domineren de violen en mogen de paukenspelers regelmatig los, zoals het hoort in goede filmmuziek. Maar wat de soundtrack van A Throw of Dice echt uniek maakt is het samenspel tussen typisch Indiase instrumenten als fluit (Ashwin Srinivasan) en tabla (Aref Durvesh) en de westerse klanken van viool, harp en trombone. Hoewel gespeeld in verschillende toonsoorten, klinkt er geen enkele dissonant. De muziek past zelfs zo goed bij de film, dat je al snel vergeet dat er een orkest onder het filmdoek staat te spelen en je helemaal opgaat in het verhaal. Lachend vergeeft het publiek het hilarische einde (de foute koning rolt van de rotsen de rivier in) en beloont Nitin Sawhney en dirigent Stephen Hussey met een minutenlange staande ovatie. (René Passet) Vrijdag 23 juni Amid the Clouds – Amir Reza Koohestani
Deze soberheid, veelal voortgekomen uit tijd- en geldgebrek, en soms uit het omzeilen van de censuur in Iran, is Koohestani's handelsmerk geworden. Door de kracht van de tekst, de fijnzinnige regie en de overtuigende acteurs werken de stiltes, voel je de vermoeidheid, de kou, het onuitgesproken verdriet en zie je in het spel van een paar vingertoppen een innige omhelzing. Schrijnend en ontroerend. Deze eenvoud is rijk en ruim, wonderlijk en trefzeker tegelijk. Een grootse kleine voorstelling. (Ellen op de Weegh) Nightwatching - Peter Greenaway
Alle personages op het schilderij worden middels een audiovisuele installatie aan je voorgesteld. Greenaway gebruikt een collage van details van de Nachtwacht, filmpjes van gekostumeerde acteurs, geluidseffecten en een geloofwaardige Engelse voice-over om de geheime samenzwering uit de doeken te doen. Alles is ook na te slaan in het boek Nightwatching dat voor de gelegenheid is verschenen. Vervolgens ga je in een tweede zaal de echte Nachtwacht bekijken. Maar verrassing: de lichten doven, er klinkt wapengekletter, de vaandel zwaait, er is vuur en regen en het schot valt. Met een vijf minuten durende geraffineerde licht- en geluidsshow lijkt het doek te bewegen en tot leven te komen. Greenaway toont hier, net als in zijn films, zijn grote gevoel voor humor en stijlvol spektakel. Je wordt met adembenemende effecten verleid om zijn verhaal te geloven. De dwarse en theatrale aanpak sluit mooi aan bij Rembrandts werk. Tegelijkertijd stelt Nightwatching indringende vragen. Hebben we, gezien het grote succes van Dan Brown's The Da Vinci Code, behoefte aan eenduidige verklaringen van kunstwerken? Kunnen we zelf nog kijken en vragen stellen? Welke verhalen zoeken we? Hoeveel audiovisuele hulpmiddelen hebben we nodig om nog geprikkeld en geboeid te raken? Mooie vragen. Van mij mag Greenaway aan de Nachtwacht zitten, net zoals Junkie XL aan Elvis.
Als je de Nachtwacht nog nooit met je eigen ogen hebt gezien, is dit een goede gelegenheid, de installatie is te zien tot 6 augustus. Toch nog te saai? Wacht dan op Greenaways film over Rembrandt, de opnames starten deze zomer. Of ga naar zijn theaterstuk over Rembrandt en zijn vrouwen, dat waarschijnlijk komend theaterseizoen op de planken staat. (Ellen op de Weegh) Dido & Aeneas – Sasha Waltz & Guests
Het is het openingsbeeld van Dido & Aeneas (1688-1690), de gehavend overgeleverde opera van Henry Purcell. Het is de tragische liefdesgeschiedenis van de Trojaanse held Aeneas en de Carthaagse koningin Dido, die door toedoen van goden en heksen geen gelukkig leven samen is beschoren. Deze uitvoering onder leiding van Sasha Waltz begint met water en eindigt met vuur, echte vuurtjes, brandend op de vloer van het grote lege podium: de elementen spelen een dominante rol in deze klassieke opera. Vraag de vernieuwende Duitse choreograaf Sasha Waltz (1963) deze opera te regisseren, en je krijgt een ontroerend en komisch Gesamtkunstwerk waar een uitverkocht Muziektheater met open mond naar zit te kijken. Operazangers (Aurore Agolin als Dido, Reuben Willcox als Aeneas; muzikale leiding Attilio Cremonesi) vertolken personages die tegelijkertijd door dansers worden neergezet. Zangers en dansers vullen elkaar aan en treden in elkaars voetsporen. De dans van Sasha Waltz wortelt in de grove, vertellende traditie van Pina Bausch, maar kent tegelijkertijd de esthetiek van Anne Teresa De Keersmaeker. Waltz zet lichamen hoekig en aards neer, met platte voeten, kromme ledematen en gespreide handen. Geliefden kronkelen om elkaar heen, versmelten tot één lichaam. Een kluwen dansers vormt een berglandschap, of een wuivend grasveld. Storm en doodsnood zien eruit als een schilderij van Jeroen Bosch, met wanhopige mensen die de armen in een roep om hulp uitstrekken naar de hemel. Zo zet Sasha Waltz met haar uit alle hoeken van de wereld afkomstige dansers en zangers een haarscherp georkestreerde, gedanste opera neer die een heel nieuw genre vormt in het theaterlandschap. (Mieke Zijlmans) Dido & Aeneas is nog te zien op 24 juni in het Muziektheater in Amsterdam. Donderdag 22 juni Hedda Gabler – Toneelgroep Amsterdam
Het beroemde verhaal van Henrik Ibsen over Hedda Gabler werd al meerdere malen geënsceneerd in Nederland. Hedda is een intelligente vrouw van goede komaf en vindt haar nieuwe leven als huisvrouw kleinburgerlijk en saai. Bij de laatste opvoering in 2003 door de Theatercompagnie ontbrak het nogal aan noodzaak en een goede verplaatsing naar onze tijd. 'Is er ruim honderd jaar na verschijning van het stuk nog wel plek in het theater voor Hedda Gabler?' was dan ook de vraag. Ivo van Hove bewijst dat het stuk nog steeds actueel is; hij gaf de voorstelling terecht de ondertitel: een teken des tijds. Hedda roept in het stuk van Ibsen voortdurend tegen haar medespelers dat ze zich "dood verveelt". Ook Halina Reijn, die ditmaal de titelrol voor haar rekening neemt, is gefrustreerd en verveeld. Maar toch draagt zij zoveel meer uit. Ze is de personificatie van de dertiger van nu die kampt met de vraag: 'Is dit het nu?', 'Is dit nou mijn leven?'. Tijdens de scèneovergangen klinkt het melodramatische Blue van Joni Mitchell. Hedda is alleen en barst uit elkaar van machteloosheid. Alhoewel het verlangen groot is, blijkt ze simpelweg niet in staat om haar leven radicaal om te gooien. Terwijl eerdere Hedda's vooral reacties uitlokten als: ‘Mens, doe er dan wat aan!’, wekt Halina Reijn bovenal compassie op. Dit is naast het spel van Halina Reijn ook te danken aan het verrassende toneelbeeld en haar tegenspelers. Ibsen schrijft als plaats van handeling een luxueus huis voor, maar Versweyveld maakte er een armoedige ruimte van, met weinig meubels en onafgewerkte muren. Niet bepaald een omgeving waar je dolgelukkig van wordt. Ook haar man Jurgen Tesman (Roeland Fernhout) is hier niet de suffe wetenschapper die we kennen uit andere opvoeringen. Hij geeft Hedda redelijk wat tegengas, zodat ze ook echt iets heeft om tegenaan te schoppen. Dit maakt haar verwende gedrag een stuk geloofwaardiger. In de regie van Van Hove draait het niet alleen om Hedda, maar veel meer om haar relatie tot andere personages. Het is niet twee uur lang Hedda tegen de rest. Hierdoor is het contrast met de scènes waarin ze alleen met haar woede en verdriet op het toneel staat des te groter en indrukwekkender. (Sophie Janssen) Lees hier ook nog een uitgebreide 8WEEKLY recensie over Hedda Gabler. Hedda Gabler is nog t/m 24 juni in het Holland Festival te zien en van 15 t/m 19 augustus in de Zuiveringshal (Westergasfabriek). Daarna gaat de voorstelling t/m 14 oktober 2006 op tournee. Voor een uitgebreide speellijst klik hier. Nono - Champ d'Action & Josse de Pauw
Josse de Pauw, met zijn bonkig lichaam in een zwart kostuum, heeft zich voor deze eenmalige voorstelling tijdens Holland Festival aangesloten bij het avant-gardistische Belgische ensemble Champ d'Action. Dat komt met een programma onder de wat vage noemer Toppers van de 20e eeuwse muziek. Composities van meerdere componisten worden uitgevoerd. Centrale figuur op deze avond is Luigi Nono (1924-1990), Italiaans componist. De kern van de performance is zijn werk en zijn socialistische gedachtegoed. Het openingsstuk is fascinerend, een nieuwe compositie voor altviool van de Finse componist Kaija Saariaho, gespeeld door Garth Knox. Hij laat het instrument binnen seconden verglijden van lieflijk en harmonieus naar krassend, begeleid door versterkte stemmen die zware ademstoten voortbrengen. Helaas haalt de rest van de anderhalf uur durende performance die emotionele intensiteit niet. Aan de musici ligt dat niet. De virtuoze pianist Yutaka Oya gooit al zijn kunnen in de strijd. Zes zangstemmen rijgen een reeks Poolse gedichten aaneen tot de ijle roep van Sirenen in een leeg landschap. Arne Deforce bespeelt een reeks cello's. Maar Peter Swinnen en Maarten Buyl zitten aan de knoppen en overheersen met hun elektronica het geluid. De elektronica draait elke kans op een emotie de nek om. Gaandeweg overheerst het vervreemdende, het abstracte. Het resultaat is vooral technisch heel knap, maar het is te gestileerd, het raakt de ziel niet. (Mieke Zijlmans) |
THEATER
Gezien op 1 januari 2006
ADVERTENTIE
ZOEKEN
ADVERTENTIE
THEATER
MEER RECENSIES
|
© 1998-2012 8WEEKLY Webmagazine
|