8weekly.nl |
reportage: Deel 1IDFA 2006door Antoinette van Oort
De negentiende editie van het documentairefestival IDFA – dit jaar van 23 november tot en met 3 december – zit er weer op. 8WEEKLY zat er bovenop, met verslagen van de beste documentaires, geselecteerd uit een groot aanbod dat stilistisch interessant, vernieuwend of maatschappelijk relevant is. 25 november 2006 Life as a Corporate Holiday De Italianen Silvano Bignozzi en Lino Toselli zijn vertegenwoordigers in grappa en kamillethee. Beiden hebben hun eigen district en hun eigen verkooptechniek. Niets dat hun leven spectaculair of bijzonder maakt – behalve hun exotische reizen. De mannen die het voetenwerk van een groot concern doen zijn de afgelopen vijfentwintig jaar, bij wijze van bonus, overal ter wereld geweest. Altijd met de bonusgroep, een groep van vijftig, zestig mannen, die net als zij de quota in de wacht hebben gesleept en winnaars zijn van het 'bedrijfsuitje'. Inmiddels lopen Lino en Silvano richting hun pensioensgerechtigde leeftijd en willen ze van de laatste reis (naar Cuba) iets anders, iets onverwachts maken. De warmte en exotische bestemmingen zijn een fijne doorbreking van de dagelijkse sleur. De gratis bonusreizen zijn in de eerste plaats bedoeld om de verkopers te prikkelen, te motiveren en dus het bedrijf een glorieuzer aanzien te geven. Maar Silvano en Lino zijn daar immuun voor geworden. Zij koesteren hun lange vriendschap op de verre reizen naar vijfsterrenhotels waar alles voor hen geregeld wordt. De exotische bestemmingen nemen ze inmiddels voor lief, ook al verwacht het thuisfront nog steeds een passend souvenir.
Van gewone mensen en schone sokken De eigenzinnige wijze waarop het ongewone voorzien wordt van een nieuw etiket is verrassend. Fraai is dat Muran dit consequent doorvoert, ook als de twee mannen tegendraads besluiten hun eigen weg te gaan, vastbesloten vooral de gewone Cubanen achter de façades te leren kennen. Maar of ze daarmee de eenvormigheid en kreeft kunnen ontwijken is onzeker. Wat wel zeker is: Life as a Corporate Holiday is een humorvolle aanrader. (AvO) My Father the Turk (Mein Vater der Türke) De Duitse zoon van een Turkse immigrant gaat op zoek naar zijn vader. Marcus Attila Vetter, een bekende filmmaker, reist af naar een dorp in Anatolië waar zijn bejaarde vader Cahit Cubuk woont. De ontmoeting tussen vader en zoon is de start van een nieuw hoofdstuk in de familiegeschiedenis en tevens de pijnlijke reconstructie van een liefde uit de jaren zestig met twee culturen op het hoofdkussen.
Marcus Vetter wordt 38 jaar later door zijn vader onthaalt met vreugdezang. Daarna volgt een confrontatie met de rest van de familie; zijn twee halfzusters en hun moeder. Marcus vader is opgewonden, het belang van een zoon is voor hem nog steeds groot maar praten over het verleden weigert hij. Met hulp van zijn zusters, die zelf ook veel vragen hebben, lukt het Marcus zijn vader te ontdooien. Gedwongen tot het geven van verklaringen en antwoorden vallen langzaam de hiaten weg. De kinderen die inmiddels volwassen zijn kijken gezamenlijk terug op een jeugd die veel overeenkomsten heeft: een afwezige vader. Onevenwichtig Jammer dat het tempo van de film traag blijft en er o zo weinig interactie met de omgeving is. De film focust teveel op Vetters verleden en zijn vader. Een gemiste kans; de kloof die de filmmaker wil overbruggen is, zoals zijn zussen treffend weten uit te leggen, waarschijnlijk op een hele generatie Turkse kinderen van toepassing. Het is interessant dat ondanks die erfenis, de dochters en hun moeder het meest uitgesproken zijn. Terwijl van Vetters Duitse moeder – alleenstaand, verstoten door haar familie en gestigmatiseerd door de samenleving – alleen archiefbeelden getoond worden. Waarschijnlijk heeft zij de grootste offers moeten brengen in dit pre-multiculturele drama. Door het ontbreken van de getuigenis van de moeder is de film onevenwichtig en roept ze meer vragen op dan dat er antwoorden gegeven worden. Of Vetter gevonden heeft wat hij zocht is een van die vragen. Toch kent de film, voor wie zich met de problematiek identificeert, boeiende en ontroerende momenten. Maar menig ander zal het al gauw gaan ervaren als een te lange aflevering van Spoorloos. (AvO) 23 november 2006 Can Tunis Jongens, nog in of net uit de puberteit, lijken de baas in Can Tunis. Criminele plannen bedenken, auto's leeghalen, slopen en joyrijden in de buurt. Ze lijken van God los. Het is de vraag of ze nu spelen of zich voorbereiden op een volwassen carrière. In elk geval groeien ze op tussen het vuil, gesloopte huizen, ongedierte en resten puin. Juan is er een van. Samen met zijn vader, acht broers en zussen bewoont de familie een van de nog overeind staande krotten. Can Tunis was ooit bedoeld als een luxe toeristische enclave, maar alleen de poort herinnert nog aan het ooit zo ambitieuze bouwproject. Nu wonen er slechts marginalen en door de Spanjaarden als asocialen gestigmatiseerde zigeuners. Anno 2006 wil de naast Can Tunis gelegen haven uitbreiden en de grond opkopen. Ook de gemeente Barcelona wil de wijk tegen de grond. De nog resterende bewoners van Can Tunis verzetten zich tegen spreiding naar flats. Ze eisen passende vervangende woonruimte voor henzelf, maar ook voor hun inmiddels volwassen kinderen.
Can Tunis geeft van de extended family geen diepgravend maar wel een zeer kleurrijk beeld. De leefstijl van de marginale groep aan de grenzen van Barcelona – stad van design, Gaudi en de Ramblas – is afwijkend maar heeft stevige ankers in de zigeunertraditie. Jammer dat dit minder uitgesproken en uitgewerkt is. De gesprekken met de jonge en oudere bewoners zijn persoonlijk maar refereren nauwelijks naar de uitgesproken tradities, werk, geloof, trouw en pikorde binnen de familieclan. Juan is het centrale personage, een afspiegeling van de jongere generatie, die ook zo zijn generatieconflicten kent. Steeds terugkerend is hij enerzijds gids, anderzijds symbool voor de veranderingen. Can Tunis, liefdevol gemaakt door Paco Toledo en José González Morandi, is sfeervol, Spaans, met net dat anarchistische tintje dat ons met weemoed naar romantiek, tapas en aria's uit Carmen doet verlangen. De reportagestijl waarin Can Tunis gedraaid is maakt de film boeiend om naar te kijken, het lijkt de juiste keuze. Het versterkt visueel de armoedigheid van de bewoners en omgeving. Helaas gaat dit ook gelijk op met de clichés in beeldvorming die er bestaan over marginale groepen. Het maakt dat de drie r's van de Hollandse opvoeding (rust, regelmaat en reinheid, voor zover die ook hier nog bestaan) regelmatig door je heen flitsen. Of dat voor Juan en zijn vriendjes zou werken moet de kijker zelf maar beoordelen. In elk geval is het een joch met haar op zijn tanden die net als al zijn leeftijdgenoten vooral stoerder en groter wil lijken. Tja... en ouders, die zijn altijd van de oude stempel, nietwaar? (AvO) Sugartown: The Bridegrooms Het Griekse platteland heeft een serieus probleem. Er is een groot tekort aan vrouwen. Die trekken massaal naar de stad om te werken en trouwen, ze hebben geen zin in een agrarisch bestaan. De mannen wachten ondertussen eenzaam in grijze dorpen waar niets te doen is op hun erfenis: grond. Het aantal vrijgezellen is ondertussen zo groot dat de burgemeester van Sugar Town, de gewiekste Pantazis Chronopoulos, de mannen uit zijn dorp binnen twee jaar een vrouw belooft. In ruil daarvoor moeten ze wel bij de komende verkiezingen op hem stemmen.
De wijze waarop regisseur Kimon Tsakiris in deze film met het fenomeen dating omgaat is nergens belachelijk of ranzig. De eigenaardigheden van de Grieken zijn met de nodige zelfspot terug te vinden in ons allemaal. De film geeft het geworstel van het Griekse drietal met traditie, gevoelens en verwachtingen objectief weer. Ondertussen haalt Tsakiris het Griekenland uit de toeristische folders onderuit en laat een werkelijkheid zien die overeenkomt met de onze. Of er bij het tegenbezoek van de vrouwen ook getrouwd gaat worden moet de kijker zelf maar gaan zien. Sugartown is vooral vermakelijk en onderhoudend door de wijze waarop het kleine wordt uitvergroot en het grote verlangen liefdevol gestalte wordt gegeven. (AvO) Tender's Heat. Wild Wild Beach (Zar nezhnykh. Dikyi, dikyi plyazh) Al vijfentwintig jaar struint Eugeniy op het strand rond met zijn camera. Zijn specialiteiten: te dikke vrouwen, huilende kinderen, trotse vaders met aap, slang of kameel. Het strand aan de Zwarte Zee is elk jaar weer afgeladen met een keur aan menselijke dieren. Wild Wild Beach toont dat onomwonden in de vorm van een compilatie.
Soms lijkt het een gebrek aan middelen wat parten speelt: bijna alles is gedraaid in een reportagestijl die dicht op de huid van de karakters zit. Die nogal impulsieve stijl van regisseur Alexander Rastorguev geeft je het gevoel beland te zijn in een potpourri van beelden zonder samenhang. Het menselijk gedrag in de gouden kooi die ontspanning heet is dat niet. De rauwheid van de hoofdpersonen, de desolate kracht van de zee en de brute omgangsvormen blijven op het netvlies kleven. (AvO) Enemies of Happiness (Vores lykkes fjender) Malalai Joya is politica. Haar leven is anders dan dat van de meeste Afghaanse vrouwen. Ze strijdt voor vrouwenrechten in een door eindeloze oorlogen verwoest land. Bij de verkiezingen in 2005, de eerste sinds dertig jaar, is ze een van de handvol vrouwelijke kandidaten. In een door mannen overheerst politiek bolwerk kaartte ze de corruptie, de macht van de warlords en de strenge kledingvoorschriften voor vrouwen aan. Met deze politieke daad overschreed ze de traditionele tribale erecode. Sindsdien is ze gedwongen zelf de burka te dragen en heeft dag en nacht bewapende lijfwachten om zich heen voor haar veiligheid.
21 november 2006 Associated Een buurt supermarkt in Brooklyn op Independence Day opent onder muziek van Johnny Cash. De luiken gaan omhoog en langzaam wordt het druk, drukker, overvol. Al snel denk je: wat is er mis? Is er iets bijzonders te ontdekken? Niets onbekends, het geluid van de kassa. Niets onverwachts, een komen en gaan van klanten in alle soorten en maten.
The Prisoner or: How I Planned to Kill Tony Blair Even herleven de jaren vijftig in een onschuldige strandscène op de maat van vroege Amerikaanse swing. De dollende mannen zijn alleen geen Amerikanen – het zijn Irakezen in vrolijker tijden. Zoals velen met hen zagen de broers Abbas de Amerikanen in 2002 als bevrijders. Ze geloven de Amerikaanse slogans over vrijheid en democratie die operatie Enduring Freedom propageert. Yunis Abbas ziet zijn droom van een journalistieke carrière uitkomen. Op zijn fiets fotografeert hij de invasie van de Amerikanen. Al snel werkt hij als cameraman en fixer voor een onafhankelijke producer van BBC Channel Four. Gevaarlijk werk, maar hij is ervan overtuigd dat de waarheid, waar het onder Saddam aan ontbrak, verkondigd moet worden.
Schrijnend Wat de broers overkomt tekent de moeilijkheden van de Amerikanen in Irak. Het verschil tussen een terrorist of burger is niet of nauwelijks te zien. Onschuldige mensen op de verkeerde plaats op de verkeerde tijd zijn daarvan vaak het slachtoffer. De soldaten kennen alleen goed of fout en als vechtmachines staan zijzelf automatisch aan de goede kant. Hun perceptie is gericht op het vinden van de vijand; voor de Irakezen zijn hun methodes gewelddadig, bedreigend, vernederend en ontmenselijkend. Het besef dat zij voor veel Irakezen inmiddels de bad guys zijn dringt daarom maar langzaam tot de Amerikanen door.
Eût-elle été criminelle... De beelden die in vogelvlucht aan het netvlies voorbij razen zijn afkomstig uit de Tweede Wereldoorlog. De uit diverse archieven opgebouwde compilatie in vooral zwart-wit laat de waanzin en destructie in versneld tempo zien. Met de bevrijding in zicht vertraagt het tempo en is er meer herkenning.
Hearts (Kabal i hjerter) "Wakker worden, wakker worden, opstaan Kåre, over en out". Per Erling Grindstein wekt zijn hartsvriend Kåre Morten Watne met een kortegolfbakkie. Het duurt even voor Kåre op gang komt, maar als hij in de keuken is ben je al in de ban van het tweetal. De authenticiteit van Per en Kåre spat van het filmdoek. De morgenstond heeft humor, en niet alleen dat: Per en Kåre zijn persoonlijkheden die Hearts fascinerend maken van begin tot eind. Dat er iets mis is met de twee schuifelende mannen die in uiterste concentratie een eitje bakken en opeten is duidelijk. Langzaam en traag naar normale maatstaven zullen ze de hele film blijven. Maar verder is hun leven als het onze, vol tegenvallers en verrassingen. Hun bezigheden, werk, de pedicure, het vakantiekamp en hun passie voor voetbal leiden tot vaak hilarische scènes, maar bovenal is Hearts een spiegel tot nadenken voor de snellere mens. Elke dag op flessenjacht
De Noor Øyvind Sandberg maakt sinds 1980 documentaires. Hearts dingt mee in de Zilveren Wolf Competitie (documentaires tot en met 60 minuten). In eigen land won Hearts al drie prijzen. Wat de commentaarloze registratie extra bijzonder maakt is vooral de subtiele manier waarop de kijker gaat begrijpen. Dit is bovenal een prestatie van de hoofdpersonen, die als heuse method actors je inzicht in het downsyndroom verschaffen dat dieper gaat dan de oppervlakte. Dankzij de integere maar bescheiden manier waarop Sandberg aanwezig is komen hun persoonlijkheden tot wasdom. Zelfs de scènes waarvan je vermoedt dat ze gestuurd en geënsceneerd zijn blijven in woord en gebaar ongekunsteld. Het is alsof Per, Kåre en Maybritt willen zeggen: Kijk maar, luister goed, wij zijn net zo als ieder ander. Langzamer, maar net zo goed. (AvO) |
FILM
IDFA 2006: deel 1
Regie: Diverse regisseurs Jaar: 2006
ZOEKEN
LINKS
IDFA Festivalsite
ADVERTENTIE
LEES OOK
FILM
MEER RECENSIES
|
© 1998-2012 8WEEKLY Webmagazine
|