8weekly.nl

 

Hoe een muzieklabel zich vergaloppeert met plagiaat

Liszt en bedrog

door
20 februari 2007

Joyce Hatto overleed eind juni 2006. Op dat moment stond ze bekend als 'de grootste pianist waar nog niemand van heeft gehoord'. Als slachtoffer van kanker slaagde ze erin om sinds de late jaren zeventig niet minder dan hondernegentien CD's op te nemen met sonates van Mozart, Prokofjev en Scriabin, alle pianoconcerten van Tsjaikovski en Beethoven en veel onbekend werk. Een bijna bovenmenselijke inspanning voor iemand die een - uiteindelijk verloren - gevecht met kanker leverde. De CD's werden uitgebracht door haar echtgenoot, William Barrington-Coupe, bij een klein, lokaal gedistribueerd Brits label, Concert Artist.

Echt? Nou, nee dus. Producten van het label waren altijd moeilijk te krijgen maar Hatto's opnamen werden alom geprezen in toonaangevende tijdschriften, zoals het Britse Gramophone. Een recensent van dat blad stopte begin februari van dit jaar een Hatto-CD met Franz Liszts Etudes d'execution transcendante in zijn cd-lade. Het programma iTunes begon de gegevens bij de CD te zoeken en tot verbazing van de recensent werd niet verwezen naar Hatto's opname, maar kwam een heel andere tevoorschijn: hetzelfde stuk, maar gespeeld door een heel andere pianist. Met de volgende CD bleek hetzelfde aan de hand te zijn. En de volgende.

Verschillende CD's met pianomuziek blijken niet van de hand van Joyce Hatto
Verschillende CD's met pianomuziek blijken niet van de hand van Joyce Hatto
Toets
Analyse door een audiolaboratorium wees vervolgens uit dat tenminste vijf 'Hatto's' gekopieerd werden van oudere opnamen, soms door beroemde artiesten (Haitink, Ashkenazy, Bronfman, Guttierez). De lijst wordt gestaag langer en het lijkt erop dat we met de mogelijkheid rekening moeten houden dat mevrouw Hatto niet één CD zelf heeft opgenomen.

De druiven zijn zuur, uiteraard. Het prestigieuze Gramophone en de website Musicweb, die beide veel aandacht en lof hadden voor 'Hatto's' interpretaties, hebben al gemeld dat ze bij hun oorspronkelijke oordeel ten aanzien van de kwaliteit van de opnamen blijven. Dat klinkt allemaal heel dapper, maar daarmee is de kous natuurlijk niet af. Hoewel je van geen mens kunt verwachten dat hij alle werken die hij recenseert noot-voor-noot uit zijn hoofd kent, is het wel wat genant dat niet bij één van honderdnegentien CD's iemand opviel dat deze wel heel erg op dat andere werk dat hij in de kast had staan leek.

Geluiden genegeerd
En de geruchten waren er. Sterker nog, in juni vorig jaar daagde Gramophone-redacteur Jeremy Nicholas zijn lezers uit om met bewijzen voor malversaties te komen - wat niet gebeurde, of in ieder geval niet werd gemeld. Met enige vertraging is Barrington-Coupe door de mand gevallen, en Gramophone heeft zich gehaast om zijn versie van de gebeurtenissen op het web te gooien; een versie die nu ook door de meeste media lijkt te worden overgenomen. Het zal geen verbazing wekken dat Gramophones verhaal het blad - voor zover dat nog mogelijk is - in een wat positiever daglicht neerzet dan het wellicht verdient.

Joyce Hatto. Foto: Angus Mc.Bean
Joyce Hatto. Foto: Angus Mc.Bean
Want er is wel degelijk schade. Schade in het vertrouwen dat het publiek stelt in recensenten, zelfbenoemde experts die het aandurven op basis van ervaring en kennis een oordeel te vellen over een artistieke prestatie. Als je van die mensen al niet hoeft te verwachten dat ze twee opnamen uit elkaar kunnen houden, wat maakt het dan überhaupt nog uit wat je koopt? Daarnaast is er schade voor integriteit van de klassieke muzieksector als geheel, en dan vooral de kleine labels, die zich op zeldzaam repertoire en bijzondere uitvoeringen concentreren. Nu zal dat wel meevallen in de praktijk, maar de realiteit is wel dat Concert Artist (een bewust grapje?) talloze CD's onder valse naam heeft verkocht. De grootste schade wordt natuurlijk toegebracht aan Barrington-Coule zelf, die toch al eens wegens fraude het gevang in gegaan was.

Plaat voor het hoofd
De vraag die Classics Today-hoofdredacteur David Hurwitz stelde is echter veruit de meest interessante: Waarom? Erg veel financieel gewin kan er niet mee gemoeid zijn geweest. Een hommage aan de nagedachtenis van een tragisch overleden echtgenote? Een ontspoorde grap? Een wraakoefening tegen de critici die de carrière van zijn vrouw bekortten? Slechts Barrington-Coule zelf, die zich momenteel van de domme houdt, kan die vraag beantwoorden. De gevolgen van 'Hattogate' zijn nog niet duidelijk, maar deze geschiedenis wordt de komende dagen zeker vervolgd.

Aanvulling (27 februari)
Barrington-Coule heeft toegegeven met een wat onwaarschijnlijk verhaal dat hem - voor zover mogelijk - in een relatief gunstig daglicht stelt. Gramophone is erin gestonken, Classics Today niet.