8weekly.nl |
Subsidiedebat in Amsterdamse openbare bibliotheekDe klucht der subsidiesdoor Maarten Steenhagen Kunstsubsidies zijn sinds de publicatie van het boek Second Opinion in mei dit jaar weer een hot issue. Een woedende brief met honderden handtekeningen van kunstenaars was de reactie, waaraan tegemoet werd gekomen in de vorm van een debat, dat een onverwacht gewilde bijeenkomst bleek. Overhaast opgezette video-streams op internet moesten het reeds van tevoren uitverkochte evenement toegankelijk maken en sluwe complotten omtrent het stilleggen van tegengeluiden werden al snel vermoed. De ophef rondom de economische kanten van het kunstbeleid kwam, zacht gezegd, als een verrassing. Al tijden spookt in de beeldende kunstwereld het woord 'crisis' rond. Een grote artistieke middelmatigheid en een zwakke internationale positie zouden hier de pijnpunten vormen. Toch weet, ondanks de veronderstelde urgentie van het probleem, vrijwel niemand waar deze crisis nu werkelijk aan ligt. Dat is problematisch, want zolang je niet weet waar het bloedt is het lastig pleisters plakken.
De Nederlandse kunstwereld weet het echter óók. In de personen van Lisa Couwenbergh en Ewoud van Rijn reageerde men zeer verontrust op de zinspelingen van beide fondsdirecteuren. In een open brief werden vraagtekens gezet bij de voorgenomen beleidswijzigingen, en dit werd ondersteund door gerenommeerde namen als Joep Van Lieshout en Rineke Dijkstra die aangaven veel van hun tegenwoordige succes aan het Nederlandse subsidiesysteem te danken te hebben. Het huidige systeem werkt goed, en daar hoeft niets aan te worden veranderd, aldus een groot aantal kunstenaars. Onderbuikgevoelens
De eerste stelling, die de verdeling van individuele subsidiegelden betrof, hield opmerkelijk genoeg in dat, doordat de huidige verdeling van 'veel kunstenaars een beetje' problematisch is, er in het vervolg minder kunstenaars méér subsidie zouden moeten krijgen. Hierop reageerden onder andere de kunstenaars Jerome Symons, Hans van Houwelingen, en Jonas Staal, aangevuld met de naar eigen zeggen 'excuuscurator' Ann Demeester, directrice van kunstinstelling De Appel. Keurig op rij vertelden de panelleden wat ze van de stelling vonden. Symons, medeondertekenaar van de protestbrief, was gewapend met het adres van een website voor een alternatief debat en wees op de verarming die vermindering van het aantal individuele subsidies zou betekenen. Staal haalde geïrriteerd uit naar alle kunstenaars die "nu hun salaris op het spel stond" wél kwamen opdagen, maar volgens hem bij inhoudelijke discussies over de kunst zelf wegbleven. Demeester legde de vinger op de zere plek met haar opmerking dat bij gebrek aan cijfers en feiten de discussie louter op onderbuikgevoelens gestoeld kon zijn. Dit was inderdaad tekenend voor de gehele debat. Van de expertise van de panelleden werd nauwelijks gebruik gemaakt en de zaal bleek op momenten niets dan een joelende menigte, die allen tegelijkertijd een verwarrende kluwen onderwerpen naar voren probeerde te brengen. In tegenstelling tot in het boek Second Opinion, waarin de meningen opvallend eensluidend klinken, manifesteerde zich deze avond een wirwar aan standpunten, waarbij de vraag of de voorstellen in Second Opinion daadwerkelijk een oplossing zouden kunnen vormen niet gesteld werd. "Dit debat gaat helemaal nergens over," merkte Van Houwelingen uiteindelijk dan ook op. Eigen gewin
Aan de discussietafel waren inmiddels mensen vanuit diverse instellingen aangeschoven. Erik Bos van de Haagse galerie Nouvelles Images achtte zichzelf niet zo'n subsidieverstrekker en legde vooral de nadruk op het belang van goede marketing. Tonny Holtrust, directrice van de ArtEZ academies, wees erop dat een nieuwe lichting kunstenaars helemaal geen moeite heeft met marktwerking, iets wat ook Bos uit eigen ervaring onderschreef. Wellicht kan de verondersteld problematische band tussen kunst enerzijds en de markt en samenleving anderzijds zich met de aankomende generatie kunstenaars wel vanzelf herstellen? Toch zijn het niet alleen de officiële structuren en beleidslijnen waar op gelet moet worden. Wim Pijbes van de Kunsthal benadrukte dat juist de interne band tussen kunstenaar en instelling een belangrijke rol speelt. Vanuit dit meer op inzet en vertrouwen gerichte aspect rijst hier de vraag hoe direct meetbaar of verkoopbaar bloeiende culturele productie zou moeten of kunnen zijn. Misschien is niet het beetje meer of minder geld het grootste probleem, maar ontbreekt het in de kunst gewoonweg aan passie en bovenal noodzaak. Ook in Second Opinion, het boek, stond het romantische idee van noodzaak in de kunst al meermaals centraal. En daarmee sluit het gehele debat zich weer in de cirkel waar vanuit het oorspronkelijk begon: het gebrek aan noodzaak staat gelijk aan de inhoudelijke middelmaat die de Nederlandse kunst zo schrijnend zou kenmerken. Of de oplossing voor dit probleem werkelijk bij de subsidieverstrekkers ligt, of dat deze wellicht ook elders gevonden kan worden, blijft aan het einde van deze avond nog steeds onbeslist. Het debat van Second Opinion bleek voornamelijk een grote heropvoering van wat in het boek ook al gedaan werd. Laat iedereen maar aan het woord, dan praten we er later wel écht over. Fundamentele discussie was er nauwelijks, was ook niet mogelijk, en conclusies werden niet bereikt. Ja, eentje: dat er een vervolgdebat zou moeten komen. Iemand suggesties? |
ALGEMEEN
ZOEKEN
ADVERTENTIE
MEER RECENSIES
|
© 1998-2012 8WEEKLY Webmagazine
|