8weekly.nl recensie website met recensies over film, muziek, literatuur, theater en beeldende kunst

 

De talentenjacht onder de theaterstudenten

ITs Festival 2008

4 juli 2008

Op alweer de 19de editie van het ITs Festival (18 tot en met 28 juni) staan makers van de toekomst volop in the picture. De verschillende opleidingen in Nederland die toneel, dans, mime, regie, kleinkunst en muziektheater onderwijzen, hebben zich al langer aan het festival verbonden, nu wordt het tijd om over de landsgrenzen te kijken. Het is niet voor niets de ambitie van artistiek directeur Theu Boermans om in de komende periode uit te groeien tot het meest belangwekkende theaterstudentenfestival van Europa.

Tijdens deze editie staan er weer zo'n 80 voorstellingen van jonge makers geprogrammeerd. Daarnaast is er voor het tweede jaar een door de studenten zelf geïnitieerde serie debatten met prominenten uit het artistieke veld. Om de internationale ambitie van het ITs Festival luister bij te zetten zal het ook de tweede keer zijn dat Insted, de internationale organisatie voor jonge regisseurs, Amsterdam aandoet. Een groep internationale regisseurs zal zich een week lang onderdompelen in regievoorstellingen, nagesprekken en workshops. Aan het eind geven zij een presentatie.

Op zaterdagavond 28 juni reikt de bekende acteur en Lama Jeroen van Koningsbrugge samen met een gast in het Compagnietheater in Amsterdam de ITs Awards uit. Er zijn verschillende prijzen te winnen voor de studenten. Zo is daar de Ton Lutz-prijs voor het meest veelbelovende afgestudeerde regietalent. Dans heeft ook een eigen prijs met de ITs Choreography Award. Afstuderende theatermakers die met eigen werk op het festival staan, kunnen kans maken op de ITs Parade Parel, waarbij de winnende voorstelling op De Parade zal worden geprogrammeerd. Ook de internationale theatermakers worden niet vergeten, voor hen is er de ITs Guest Award. Ten slotte mag het publiek zijn voorkeur kenbaar maken voor de beste voorstelling; de winnaar staat in september op het Fringe Festival.

8WEEKLY laat zich meevoeren in de toekomstdromen van deze beginnende makers en doet hier verslag.

Inhoud van dit artikel: Prijsuitreiking ITs Festival | SNDO witness | Trip | LiefdeOh?!HalloZus van | Super loodvrijAcht

Prijsuitreiking ITs Festival
28 juni 2008 • Compagnietheater, Amsterdam

Na tien dagen keihard zwoegen, tien dagen met de meest uiteenlopende voorstellingen, vol tops en flops, is de traditionele prijsuitreiking een zeer welkome afsluiting van het ITs Festival. ITs is een festival van scouten, van zien en gezien worden en misschien (ook al zal men dat nooit toegeven) zelfs van maken of breken. Hoewel de werkelijke marktwaarde van de prijzen valt te betwisten, is het een feit dat ieder jaar weer vol spanning wordt uitgekeken naar wie zich nu weer voor even de beste jonge regisseur, choreograaf of acteur mag noemen.

In een benauwd warm Compagnietheater, schijnbaar comfortabel maar in werkelijkheid zeer onpraktisch ingericht, waren naast de diverse jury's voornamelijk de pas afgestudeerden zelf in grote getale aanwezig. Na een toespraak door artistiek leider Theu Boermans in steenkolenengels, werd de presentatie van de avond overgenomen door de - overigens zelf nooit aan een academie afgestudeerde - acteurs Nadja Hüpscher en Jeroen van Koningsbrugge. Er volgde een wat rommelige presentatie met een onwillige beamer en een paar niet aanwezige winnaars, waarin de volgende prijzen werden uitgereikt.

In veler ogen is de meest prestigieuze prijs van het ITs Festival de Ton Lutz Prijs, die wordt uitgereikt aan het meest veelbelovende regietalent. Lucas de Man, student aan de regieopleiding Amsterdam, was van tevoren in de wandelgangen aangewezen als gedoodverfde winnaar. Zijn voorstelling NV Harde Materialen was echter een regelrechte mislukking en, zoals jurylid en recensent Wilfred Takken in heldere taal opmerkte: De jury oordeelt alleen over de voorstellingen die zij gezien heeft. Waarmee hij indirect toegaf niet te twijfelen aan het grote regietalent van De Man. Met deze kanttekening was de volkomen terechte winnaar dan ook Merel de Groot (regieopleiding Amsterdam) met haar intrigerende en prikkelende voorstelling Tot de Wereld. Een citaat uit het juryrapport: "Eigenzinnig, gedreven, met gevoel voor ritme, ruimtegebruik, licht en muziek, en met vooral veel lef, liefde en humor heeft Merel de Groot een voorstelling gemaakt die zijn eigen wetten stelt. De jury heeft zich geërgerd, zag lelijke dingen, naïeve symboliek, scènes die te lang dooremmerden, scènes die gejat waren, en de jury schreeuwde soms om structuur en duiding. De jury zag ook dingen die ze nog nooit gezien heeft. De jury liet zich meevoeren door de ontroerende, toegewijde, krachtige performers. De jury werd diep geraakt." De Groot wint viereneenhalfduizend euro aan productiegeld en loonkostensubsidie om een nieuwe productie te maken en een plek in het programma van theater Frascati om Tot de Wereld nogmaals te presenteren.

De Kemn-A-Ward, prijs voor de meest in het oog springende jonge acteur of actrice, is twee jaar geleden in het leven geroepen door casting-goeroe Hans Kemna en werd uitgereikt in een wirwar van juryleden, eerst Job Gottschalk, daarna Roeland Fernhout en toen Kemna himself die verrukt uitriep: "Ik heb niet alles gezien maar vind het geweldig hoe we hier zo staan!" Winnares was Alejandra Theus, studente aan de Toneelacademie Maastricht. Via een gebrekkige skype-verbinding bedankte Theus de jury voor haar prijs à vierduizend euro, te besteden aan verdere ontwikkeling en ontplooiing.

In een zomogelijk nog rommeliger uitreiking werd de beste internationale voorstelling beloond met de ITs Guest Award. Een eervolle vermelding was voor Hamletmachine van het Londense Rose Bruford College, die verraste door een unusual interpretation. Maar de prijs zelf werd opvallend genoeg uitgereikt aan twee dansproducties: RE:Rain van de Brusselse dansopleiding (choreografie Anne Teresa De Keersmaeker) P.A.R.T.S en Verve08 van de Northern School of Contemporary Dance te Leeds. Helaas ontbrak het bij deze prijs aan een helder geformuleerd juryoordeel.

Voor de beste Nederlandse choreografie werd de ITs Choreography Award uitgereikt aan Leena Keizer, afstuderend aan de Amsterdamse School voor Nieuwe Dans Ontwikkeling (SNDO). Zij maakte de solovoorstelling Forest Within die door de jury werd geroemd om zijn mooie combinatie van madness and vulnerability. Keizer ontvangt drieduizend euro ten behoeve van haar artistieke ontwikkeling, een aantal speelbeurten van Forest Withing in de Melkweg en de kans om haar nieuwe werk volgend jaar op het ITS te presenteren.

De ITs Parade Parel voor het meest veelbelovende eigen werk, werd dit jaar voor het eerst uitgereikt en kwam toe aan Floor van Leeuwen en Bas van Rijnsoever met hun productie Zo komt de naakte waarheid aan haar licht. Deze studenten aan de Amsterdamse mime-opleiding maakten een ontregelende performance-art voorstelling zonder duidelijke kop en staart maar met veel indrukwekkende momenten, aldus de jury. De prijs houdt in dat de voorstelling van 1 tot 5 augustus op de Parade in Amsterdam wordt hernomen.

De publieksprijs ITs Award tenslotte, werd ook aan twee producties uitgereikt. Dit waren Het Koude Kind, een productie van de Maastrichtse toneelschool in regie van Domien van der Meiren en Hermatologisch Getest M/V, van Eva Marie de Waal, een afstudeerproject aan de Amsterdamse Kleinkunstacademie. Beide voorstellingen winnen een aantal speelbeurten tijdens TF2, het Fringefestival dat in september naast het TheaterFestival plaatsvindt. En hoewel achteraf sommigen beweerden dat je deze prijs makkelijk kunt winnen als je maar genoeg vrienden in de zaal hebt, was de sfeer tijdens de afterparty uitgelaten. DJ Maestro zweepte de aanwezigen op in een groot gezamenlijk afstudeerfeest, dansend de toekomst tegemoet. (Sara van der Kooi)
Terug naar boven

Van vondsten tot probeersels
SNDO witness - Choreografie: diversen
Gezien op 28 juni 2008 • Frascati 1, 2 en 3, Amsterdam

Op de laatste dag van ITs toonde SNDO, de Amsterdamse School voor Nieuwe DansOntwikkeling, gedurende tweeënhalf uur de werken van zijn studenten. Onder de noemer SNDO witness werden acht choreografieën, variërend van work in progress tot afgeronde voorstelling voor het voetlicht gebracht. Beginnend met derdejaars choreografen, via lichaamsonderzoek van de tweedejaars, eindigde de avond met proeves van eerstejaars studenten. Een bonte verzameling presentaties met twee gemene delers: het persoonlijke en de grens van de goede smaak. Dat eerste mag niet verbazen, SNDO leidt geen perfect geschoolde dansers op maar performers, eigengereide dansmakers met een bijzondere kijk op lichaam en theatraliteit. Met als voorlopig resultaat een paar prachtige vondsten, een enorme stroom energie en lef en een heleboel onuitgewerkte en zelfs clichématige probeersels.

fotograaf: Theo van Loon
fotograaf: Theo van Loon
Sommige makers gaan sterk uit van hun subjectieve ervaring, andere gaan meer analytisch te werk. Zo onderzocht Daniel Almgren Recén (SNDO 3) in zijn choreografie It's all the same hoe je kunt omgaan met basale bewegingsopdrachten. Vijf danseressen kregen choreografie-instructies op papier: Burp, move your arm, stand on one foot, loose your balance, stick your finger up your nose, jeté... De opeenvolgende aanwijzingen vormen samen een choreografie, door elke danser steeds anders geïnterpreteerd. Niet zozeer de verschillende interpretaties zijn verrassend, maar de manier waarop ze getoond worden. Als in een lezing, compleet met overheadprojector, vertellen de performers een voor een hoe ze de aanwijzingen hebben opgevat en wat ze ermee hebben gedaan. De een wilde de opdrachten letterlijk uitvoeren, maar zag zich geconfronteerd met de onmogelijkheid hiervan. De opdrachten waren niet concreet genoeg, een simpel steek-je-vinger-in-je-neus laat immers nog ruimte voor vreselijk veel variatie. Een ander wilde het tegenovergestelde van de opdracht uitvoeren en zag zich met vrijwel dezelfde problemen geconfronteerd. Zelfs de danser die koos voor de optie do whatever you want ziet in dat dit onmogelijk is. Dus schreef ze maar een gedicht over de instructies. En ook nog een tenenkrommend maar grappig liedje, over de overweldigende veelheid aan keuzes in de Albert Heijn. Onderwijl vertelt de rest van de meiden op licht cabareteske manier over hun worsteling met de bewegingsinstructies, af en toe geïllustreerd met een korte bewegingsfrase. Het levert een aandoenlijk en bij vlagen zeer humoristisch geheel op. Wanneer ze aan het einde de bewegingen unisono uitvoeren, waarschijnlijk precies zoals Almgren Recén het wilde, vallen toch weer vooral hun onderlinge verschillen op. It's all the same toont op ludieke wijze dat uitvoeringen van choreografieën altijd interpretaties zijn en dat de persoonlijkheid van de danser niet uit te vlakken valt. Geen nieuw inzicht, wel een vermakelijke en scherp gezette performance.

Zoom, een duet van tweedejaars student Roger Sala Reyner en Stephanie Luehn, heeft ook een analytische inslag, zij het van een geheel andere orde. Dit werk onderzoekt het thema versmelting: eerst de versmelting van beeld, daarna de versmelting van lichaam. De performance begint met een spel met theaterspots, twee lichtcirkels op de zwarte muur. De cirkels worden geprojecteerd en bewogen alsof het personages zijn, wezens die elkaar ontmoeten, zich tot elkaar aangetrokken voelen, vergeefs met elkaar proberen te versmelten en teleurgesteld weer afscheid van elkaar nemen. Vergelijk het met de Sesamstraat filmpjes waarin geometrische figuren de hoofdrol spelen. Na dit lichtspel betreden de dansers het podium. Ze herhalen het eenvoudige verhaal van voorzichtige ontmoeting, grote aantrekkingskracht en vergeefse pogingen om samen één te worden. De abstractie van de twee lichtbronnen die niet werkelijk samenkomen, wordt door hen echter heel plastisch verbeeld: met een minuten durende, ononderbroken tongzoen. In eerste instantie is het vrij gênant, zo gulzig pakken de twee elkaar op de bek. Maar dan ontstaat er een intrigerend samenspel waarin beiden, zonder met zoenen te stoppen, zoeken naar hun eigen maximale bewegingsvrijheid. Wanhopig klampen de twee zich aan elkaar vast, verstrengelen ze niet alleen tongen maar alle ledematen, probeert de een  de ander mee te slepen. Tevergeefs. Ze moeten elkaar uiteindelijk toch loslaten en vervolgen ieder hun eigen weg. Zoom getuigt, hoewel ongepolijst en balancerend op het randje van het banale, van durf en eigenzinnigheid. De performance confronteert de kijker scherp met zijn eigen beperkingen en maakt deze daarmee nieuwsgierig naar meer.

De meeste jonge makers gooien het helemaal over de persoonlijke boeg en presenteren tijdens SNDO witness intieme egodocumenten. Hoewel waardevol voor de ontwikkeling van de performers, levert dit vooral veel naïeve scènes op met weinig verrassende symboliek. Gelukkig springt er in bijna iedere presentatie wel een moment uit waarop de maker zichzelf overstijgt. Giulio D'Anna, derdejaars student, verbeeldt, gekleed in een klassieke Zwanenmeer-tutu, de opgekropte frustraties van zijn jeugd door alle spieren in zijn lijf te spannen. Met zijn rood aangelopen kop en gebalde vuisten weet hij echter niet te overtuigen, het blijft vooral woede aan de buitenkant. Mooi is echter het einde waarop hij toch bijna vliegt als een zwaan, sierlijk en grappig springt hij steeds hoger, zijn blije hoofd is bij iedere sprong beter zichtbaar vanachter de bloedrode, gekantelde tafel. Een mooi gevonden en verrassend contrast.

fotograaf: Theo van Loon
fotograaf: Theo van Loon
Ook de Chileen Rodrigo Sobarro de Larraechea (SNDO 2) nam voor zijn Demo het persoonlijke als uitgangspunt. Hij gaat hierbij echter compleet over de top, in Zuid-Amerikaanse melo-kitsch. Object van zijn aanbidding is een blauwe, glimmende drum: een trommel die hij benadert als ware het een geliefde. Dit gegeven zorgt, gecombineerd met de ongegeneerde zelfexhibitie van Sobarro de Larraechea, voor de nodige hilariteit. Wanneer hij de trommel aankleedt en er vervolgens luid kreunend in klaarkomt, is het toppunt letterlijk en figuurlijk bereikt. Maar gelukkig is de performance nog niet af en kan deze ongegeneerdheid ook nog als echte, ontroerende kracht worden ingezet. Wanneer dat lukt, kan dit alsnog een krachtige solo worden. Gebrek aan theatrale présence kan deze jonge Chileen namelijk niet worden verweten.

Alleen tweedejaars studenten Alma Soederberg en Tomislav Feller stellen met respectievelijk For a walk en A side to behold teleur. Hun presentaties zijn weinig verrassend en ietwat sentimenteel. Beide hebben het over de relatie tussen man en vrouw en beiden weten niet precies wat ze willen vertellen. Maakt Soederberg nog aardig gebruik van het ene zeggen en het andere doen, Feller verzandt in clichébeelden met een meisje dat op wankele hakschoentjes haar geliefde verlaat, steeds tussen struikelen en vallen in, met larmoyant uitgestrekte hand. Wat betreft eigenzinnigheid en een eigen stijl hebben deze makers nog een wereld te veroveren.

De avond eindigt met een stel echte jonge honden. Eerstejaars Michele Rizzo is aandoenlijk als semi-stoere kungfu fighter annex house freak. Zijn robotachtige trancepasjes zijn zo aanstekelijk dat je hoopt ze binnenkort op de dansvloer te zien. Florentina Holtzinger tenslotte (ook SNDO 1) toont een veel te lang uitgesponnen maar desondanks zeer onderhoudend masochistisch machtsspel tussen man en vrouw, met behulp van een enorme lading piepschuim platen die in een enorme puinhoop aan stukken gaan. Holtzinger is een heerlijk stevige, krachtige verschijning. De manier waarop ze in uitzinnige woede met haar tegenspeler letterlijk de vloer aanveegt, bewijst dat zij op een intelligente manier omgaat met man-vrouw verhoudingen, wars van de traditionele. Een goede afsluiter die, evenals veel van Holtzingers studiegenoten, nieuwsgierig maakt naar de toekomst. (Sara van der Kooi)
Terug naar boven

Van een uitputtende schoonheid
Trip - Choreografie: Chris Leuenberger, Julia Jadkowski, Lea Martini
Gezien op 25 juni 2008 • De Brakke Grond, Amsterdam

fotograaf: Barbara Braun
fotograaf: Barbara Braun
Langzaam vallen hun monden open. Steeds wijder, totdat hun hele gezichten bijna openscheuren in een verkrampte, geluidloze schreeuw. Chris Leuenberger en Lea Martini kijken ons maniakaal aan, hun kwijl druipt traag. Er ontstaat een beweging, bijna niet waar te nemen, maar dan steeds sneller en groter. Een stilering van euforische, juichende gebaren worden gekmakend vaak herhaald. Als in trance rennen ze steeds weer op ons af met die vervormde gezichten. Woest stampend slaan ze zichzelf op de borst, steken hun vuisten in de lucht, rennen in cirkels en storten zich op de vloer. Komisch én beangstigend. Wat is dit voor iets krankzinnigs? We horen een permanente soundscape die het midden houdt tussen een hartslag en vervormd, krakend publieksgejuich. Alsof ze gevangen zijn in een loop waar geen ontsnappen aan is en gedwongen worden een ritueel van zelfkastijding af te draaien. Een hysterisch enthousiasme als een soort Sjiitische Ashura. Soms is er angst, vermoeidheid en pijn in hun blik te zien. Op andere momenten extase, binnenpretjes en overgave aan de beweging. Ze vallen plotseling stil en kijken berustend de zaal in, om opeens weer te worden voortgestuwd. Hun kalmte tijdens de spannende stiltes werkt extra vervreemdend. Het spel is fascinerend ondanks de herhalingen. Waarom doen ze zichzelf en ons dit aan? Er komt geen antwoord. Desoriënterend en fantastisch, dit is echt een Trip.

Chris Leuenberger won vorig jaar de ITs Choreography Award met zijn voorstelling White Horse (an attempt at live therapy): een voorstelling die hij samen maakte met Lea Martini. In White Horse vertelden zij zeer intieme anekdotes uit hun privéleven. Door het opbiechten van deze pijnlijke ervaringen schiepen ze een krachtige ervaring van emotioneel medeleven. Leuenberger maakte Trip samen met Julia Jadkowsk en Lea Martini. Jadkwosk was geblesseerd en speelde helaas niet mee. Trip roept een vergelijkbaar gevoel van empathie op als White Horse, maar doet dit juist door het oproepen van fysiek medeleven.

Het spel is een moorddadige uitputtingslag maar blijft ongrijpbaar mooi. Als tot slot van de voorstelling, na een bijna orgastische climax de dansers in kleermakerszit op de grond zakken wil Trip nog steeds geen antwoord geven op de vragen die het stuk oproept. Martini mompelt richting het publiek: "It will take five more minutes. If you have something to say. You're very welcome to do so". Het licht gaat heel langzaam uit, niemand geeft antwoord. De verpletterende indruk die Trip in uitgeklede vorm maakt doet verlangen naar de complete versie. (Daniël Bertina)
Terug naar boven

Zoet verhaaltje
Liefde - Regie: Wim Helsen, Dennis van Galen
Gezien op 25 juni 2008 • Theater de Engelenbak, Amsterdam

fotograaf: Shanne de Wit
fotograaf: Shanne de Wit
Soms doet het verhaal er weinig toe. De cabaretier neemt je vanaf het begin meteen mee in zijn enthousiasme. Dat is de voorstelling Liefde van Esteban. Een vrolijke jongen in een geel-paars fluor trainingspak (of bijenpak) met wilde halflange krullen vertelt zijn herinneringen over zijn jeugd in Schaarsbergen en zijn jeugdliefde Janneke.

Vanaf het begin dat Esteban opkomt weet hij het publiek voor zich te winnen met zijn ontwapende lach. Vertederend begint hij te vertellen hoe hij als klein jongetje van zeven met zijn stille beste vriendje Jeff door het bos fietst, langs het winkeltje waar ze de lekkerste lollies hebben om zo via een kronkelweg bij een grote es te komen waar ze in klimmen. En dan is daar ineens Janneke. De eerste grote verliefdheid van Esteban als hij pas zeven is. Beeldend vertelt hij hoe lief en slim zij is, hoe zijn allergie voor bijen zijn jeugd heeft beïnvloed en over zijn liefde voor bladeren en in bomen klimmen.

Met een komische noot vertelt hij over alledaagse situaties, maar ook over momenten die je soms even een wenkbrauw omhoog doen gaan. Zo vertelt hij over de vele foto's die zijn ouders namen van hem op het naaktstrand. Ook het eerste moment dat hij werd gestoken door een bij weet hij net iets spannender te maken door met een ondeugend blik dubbelzinnige woorden te gebruiken. Zijn vriend Jeff begeleidt hem als een stille schaduw op de piano zonder een woord te zeggen of maar van blik te veranderen. Toch weet hij op een paar momenten zijn 15 seconds of fame te pakken, wanneer hij eigenwijs het deuntje van Batman inzet om Esteban te pesten.

Liefde is een zoet verhaaltje over vroeger. Esteban laat zien dat hij de potentie heeft om een grote cabaretier te worden. Hij draait niet simpel zijn verhaal af, het verhaal begint te leven door zijn beeldende vertelling. In gedachten zie je de gebeurtenissen die hij vertelt. Tijdens zijn performance verliest hij geen moment het publiek uit het oog. Hij reageert ad rem op reacties in de zaal en heeft er ook geen probleem mee om zichzelf soms even te kijk te zetten en te lachen om zijn eigen teksten. De zoete klanken waarmee hij de liedjes van Toon Hermans zingt, bewijzen dat hij meer in zich heeft dan alleen de clown op de vloer. (Mariëlla Pichotte)
Terug naar boven

Vragen om een reactie
Oh?!Hallo - Regie: Romana Vrede
Gezien op 24 juni 2008 • Frascati 2, Amsterdam

Hoe reageren we als een vreemde opeens Oh?! Hallo zegt, je naroept op straat of gewoon in de trein naast je komt zitten. Zeggen we dan beleefd iets terug, beginnen we een gesprek of negeren we de vreemde? Bram van der Heijden en Isil Vos, vierdejaars studenten aan de ArtEZ toneelschool onderzochten voor deze voorstelling wat er kan gebeuren als je ergens op straat of in de trein een vreemde ontmoet. Het resultaat is wat je mag verwachten: alle clichés en meer. Het meer zit hem vooral in de verassende wendingen in de voorstelling. Het duo heeft uiteenlopende herkenbare reacties in een snelle dynamische en komische voorstelling verwerkt. Korte sketches van een ontmoeting tussen twee volslagen vreemden op een bankje en de verschillende reacties op één ontmoeting wisselen ze af met moderne dans en enkele filmfragmenten op de achtergrond. Een belangrijke rol is hierbij weggelegd voor de hit Clint Eastwood van de virtuele band Gorillaz.

fotografie: Hanna Donker, Simone Trum
fotografie: Hanna Donker, Simone Trum
Voor de voorstelling eindelijk van start gaat, moeten we nog eerst nog ruim tien minuten luisteren naar het betoog van Isil tegen Bram waarom het oké is dat het publiek niet op de linkerrij banken is gaan zitten, maar automatisch op de tribune rechts. Dat zij drie weken gerepeteerd hebben met een andere opstelling, maar dat ze nu buiten hun kader moeten treden. Het verrassingseffect dat we als publiek moeten luisteren en kijken naar twee ruziënde acteurs, werkt. Je ziet het publiek verbaasd kijken en denken. Vooral als ook de technicus zich met de woordenstrijd op het toneel bemoeit. En net voordat het geruzie te lang wordt om naar te kijken, geeft Bram toe, dat ze hun ingestudeerde bewegingen moeten omdraaien en spiegelen, omdat het publiek aan de andere kant zit. Het duo is klaar voor de de echte voorstelling over ontmoetingen.

Isil en Bram nemen het meest voor de hand liggende gegeven: de reactie op een vreemde. Ze weten daar het publiek ruim een uur mee te boeien. De timing van deze spelers is bijna perfect. De snelle wisselingen tussen dans, spel en filmfragmenten gecombineerd met luisterbare hiphop die op volle sterkte uit de speakers komt, smaken naar meer. Voor een zogenaamd geïmproviseerd en gespiegelde voorstelling geven Isil en Bram niet de indruk dat het ze moeite kost. Na afloop van Oh?!Hallo valt opeens het kwartje, zij spiegelen niet hun voorstelling, maar zij houden ons een spiegel voor met onze reacties op een vreemdeling. (Mariëlla Pichotte)
Terug naar boven

Prestatie niet voorbij lastige molshopen
Zus van - Begleiding: Ineke Eldering
Gezien op 24 juni 2008 • Frascati 2, Amsterdam

fotograaf: Rob Wolvenne
fotograaf: Rob Wolvenne
Een goede toneeltekst kan, gebracht door een sterke acteur, bij wijze van spreken ook in het donker worden opgevoerd. De juiste mimiek, de kracht en intonatie van de stem brengen het stuk tot leven. In de monoloog Zus van, gebaseerd op een figuur uit het verhaal Antigone uit de Griekse mythologie, draait alles om de tekst. Het duurt even voordat het publiek doorheeft dat dit Ismene is, een figuur uit de Griekse mythologie. Ze is de zus van Antigone en dochter van koningin Iokaste van Thebe en haar zoon Oedipus. We horen het verhaal van een vrouw die altijd in de schaduw heeft geleefd van haar heldhaftige en wereldberoemde zus. En nu na drieduizend jaar doet ze eindelijk haar eigen verhaal.

Actrice Karlijn Zenta Smit heeft het zichzelf niet gemakkelijk gemaakt door deze tekst van Lot Vekemans te kiezen. Elsie de Brauw (NT Gent) ging haar voor en ontving voor deze rol een nominatie voor de Theo d'Or 2005. Nu, drie jaar later, kijken we naar de vertelster die tussen elf molshopen en een hoopje kleren staat. In deze monoloog begint Ismene met hoe zij opkeek tegen haar zus, om vervolgens in haar eigen woorden het verhaal rond Antigone en Thebe rechtstreeks aan het publiek te vertellen. Soms dwaalt ze rond tussen de hopen en praat ze in zichzelf.

De op zich fascinerende tekst is misschien iets te hoog gegrepen voor Smit. Ze mist de kracht en de emotie in haar stem om de voorstelling een uur te dragen en de aandacht volledig naar zich toe te trekken. Op de momenten dat Ismene in zichzelf praat, heeft Smit de emotie en kracht in haar stem om de aandacht van de aanwezigen te pakken. Maar zodra ze rechtstreeks tegen het publiek praat, lijkt het soms alsof ze haar tekst opleest. Het gevolg is dat je als toeschouwer je aandacht even naar de molshopen en het hoopje kleren verplaatst. Waarom liggen kleren ogenschijnlijk betekenisloos op een hoopje zonder aangeraakt te worden? Waarom hoort Ismene honden aankomen? Wat heeft ze de afgelopen drieduizend jaar gedaan? Vragen die er eigenlijk niet toe doen, maar door het verslappen van de aandacht ineens belangrijk worden. Zo blijven na de voorstelling meer vragen over dan antwoorden. En dat is jammer. Smit heeft ondanks dat haar stem en haar acteerprestaties de voorstelling niet kunnen dragen, toch geprobeerd om een sterke Griekse anti-heldin even uit de schaduw van haar zus te trekken door haar een stem te geven. (Mariëlla Pichotte)
Terug naar boven

Gabbertje terug van weggeweest
Super loodvrij - Regie: Milo Zipson, Agaath Witteman
Gezien op 25 juni 2008 • Theater de Engelenbak

Gabbertje is even terug in de Engelenbak. Snoeiharde hardcore house, dreunende bass en een donkere ruimte met stroboscoop effecten doen denken aan de grote sporthallen waar duizenden jongens en meiden in hun Australian trainingspakken nachtenlang hakten op de dreunende hardcore beats. In de voorstelling Super Loodvrij blikt Milo Zipson terug op deze periode, de ervaringen uit de gabber-scene en de jongens achter de gabber.

De student van de HKU begint als een keurig onopvallende jongen in een spencer. In zijn kamer oefent hij tussen de posters van Donald Duck en zijn Disney knuffels het muziekstuk Fur Elise op zijn keyboard. Maar zodra zijn ouders weggaan, verandert hij in een opstandige puber van vijftien die zijn spencer en overhemd verruilt voor een Australian trainingsjas, gouden schakelketting, kaal hoofd en een bomberjack. Het stereotype gabber zoals we ze zagen loopt op straat. De posters van Disney verruilt hij voor zwarte posters van the Masters of Hardcore. Vanuit de stereo naast het keyboard klinkt opeens snoeiharde house die de hele voorstelling door in fragmenten te horen is. Tussen de stroboscoopeffecten zien we Zipson hakken en plastic potten uit een kast pakken. Later legt hij met een gezicht strak van de XTC het verschil tussen de verschillende soorten drugs uit, die op de feesten van hand tot hand gingen. Zipson vertelt op een open en een humoristische manier het verhaal van een jongen die helemaal opgaat in de gabbercultuur en uiteindelijk in aanraking met de politie komt. Maar aan de andere kant ook gewoon een kleine jongen is, die zich veilig voelt op de zolder van zijn ouders tussen zijn knuffelbeesten. Op zijn eigen manier laat hij het publiek kennismaken met de jongens achter de vervaarlijk uitziende gabbers.

Het is moeilijk te begrijpen waar Zipson naar toe wil en wie hij nou speelt. Zijn het zijn eigen herinneringen of speelt hij een type? Het verhaal is warrig. De scènes waartussen hij in snel tempo schakelt hangen losjes aan elkaar. Zipson barst van de energie en blaast zich zonder remmingen door de voorstelling heen. Het lijkt alsof hij vooral een poging doet zoveel mogelijk gekke gezichten te trekken in vijfenveertig minuten. Dat hem overigens lukt. Zipson heeft een sterke mimiek die zelfs op de achterste rij van de tribune op de lachspieren werkt. Als hij die energie ook in de uitwerking van de voorstelling steekt, kan de voorstelling nog wat worden. (Mariëlla Pichotte)
Terug naar boven

Met een quarterlife crisis
Acht - Regie: Domien van der Meiren
Gezien op 21 juni 2008 • Compagnietheater, Amsterdam

Tijdens het ITs festival willen acht vierdejaars studenten van de Toneelacademie Maastricht een verhaal maken voor de wereld. Ingrediënten: hilarische zwarte humor, onverwachte wendingen en de klassieke hoogtepunten van het leven: geboorte, verliefdheid, huwelijk en dood. Eigenlijk niets anders dan een dag uit het leven van een twintiger met een quarterlife crisis.

Acht is een heropvoering van de toneeltekst Het koude kind van de Duitse schrijver Marius von Mayenberg. Twee jaar geleden werd het stuk door regisseuse Maaike van Langen voor de Theatercompagnie bewerkt en kreeg de voorstelling veel lof. Dit jaar staat de toneelvoorstelling tijdens het ITs festival opnieuw met geweldige acteurs in het Compagnietheater. Zes twintigers en een ouderechtpaar komen elkaar tegen in het hippe café Polygaam, een naam die lading en de onderhuidse spanningen van de personages goed dekt. De twintigers in een quarterlife crisis hebben een identiteitscrisis, ze weten niet meer wie ze zijn en waar ze naar toe willen in hun leven. De acht zijn via verschillende lijnen met Lena, studente Egyptologie verbonden. Alejandra Theus is in haar rol van Silke onvergetelijk. Als echtgenote en onverschillige jonge moeder verkiest ze haar Campari-jus en sigaret boven dochter Nina die in de maxicosi ligt. Geen enkele keer ontfermt ze zich over het kind of werpt ze een blik in de maxicosi. Haar man Werner daarentegen verliest Nina tot aan de ontknoping van zijn geheim geen minuut uit het oog. Op de juiste momenten weet Theus de aandacht op zich te richten en geeft ze alles. Terwijl de andere acteurs zich het grootste deel van de voorstelling vooral uiten met geschreeuw en hysterie, blijft Theus opvallend kalm ondanks haar onderdrukte woede. Het is de combinatie van de intonatie van haar stem en de grote zwarte bril op haar neus, die haar sterke acteerprestaties extra onderstrepen.

De acht acteurs beheersen het snelle, absurde cynisme van de tekst goed. Maar ondanks hun sterke acteerprestaties loopt de toneelvoorstelling vast op onduidelijke overgangen. De verhaallijnen van de verschillende personages lopen door elkaar en niet altijd in chronologische volgorde. De schakelingen binnen een scène van een personage zijn hier en daar te abrupt, waardoor het soms niet duidelijk is of het fantasie of realiteit is. Ondanks dit minpuntje is het 75 minuten genieten van andermans leed en sterke acteerprestaties. (Mariëlla Pichotte)
Terug naar boven



 THEATER
Gezien op 18 juni 2008

 ADVERTENTIE

 ZOEKEN
Alle artikelen 8WEEKLY:


 ADVERTENTIE