8WEEKLY houdt wel van een beetje avontuur. Daarom gaan we weer op Blind Date. Ook dit seizoen besteden we aandacht aan de theatermakers uit de Blind Date-serie van het Theaterinstituut Nederland. Iedere maand is het weer een verrassing welke jonge theatermaker de kans krijgt om zijn of haar werk aan een groter publiek te laten zien. Voor januari staat Disco Pigs van de Belgische regisseur Leen Braspenning op het programma. 8WEEKLY sprak met haar over haar werk en haar visie.
Braspenning is via een omweg in de theaterwereld terecht gekomen. Ze begon met een opleiding in de beeldhouwkunst in Gent maar: 'als kind vond ik acteren al heel leuk.' Zo kwam ze bij het amateurtheater terecht, waar ze er al snel achter kwam dat de regie haar een veel grotere uitdaging bood. 'Net als in de beeldhouwkunst moet je hier ook dingen maken en ontwerpen, dat trok me aan', vertelt ze. Daarom startte ze met een opleiding tot docent drama om zichzelf financieel te kunnen onderhouden. Haar eerste regie, voor een kindervoorstelling, was Rover Dronkeman, geschreven door Bart Moeyaert. Daarna volgde een zelfgeschreven werk, ook voor kinderen. 'Binnen het amateurtheater werden daar kleine wedstrijden voor gehouden die ik met bravoure heb gewonnen. Daar was ik heel erg trots op', lacht Braspenning, 'Het was een leerrijke ervaring maar dat maakte niet dat ik meteen weer zelf wilde gaan schrijven.' De regie trok haar toch meer aan, en niet zonder succes: met Disco Pigs won ze in maart 2008 op het Festival CEMENT de Dioraphte Stimuleringsprijs voor jonge theatermakers.
Beeldend en maatschappelijk betrokken
Dat Braspenning uit de hoek van de beeldende kunst komt, is in haar manier van werken in het theater goed terug te zien. Beide disciplines vermengen zich met elkaar. Zo heeft ze bij de voorstellingen Disco Pigs en het recentere Dekaloog fotoseries gemaakt. Daarbij wil ze in een voor haar onbekende wereld treden, om in de verhalen en beelden inspiratie op te doen voor in het theater. Niet alles wordt dan naar het podium vertaald; wanneer een bepaald verhaal haar sterk aanspreekt en ze mogelijkheden ziet, gaat ze ermee aan de slag. 'Sommige groepen mensen worden vrij snel in een kader geplaatst. Ik wil proberen dat kader, gedeeltelijk althans, weg te halen. Een gevangene is meer dan alleen een crimineel.' In de toekomst wil Braspenning zich voor voorstellingen gaan bezighouden met arbeidersvrouwen en prostituees, om ook hun situatie in een ander, breder perspectief te plaatsen. Ze is in haar werk erg maatschappelijk betrokken. Toch vindt ze niet dat het theater uitsluitend daarvoor bedoeld is. 'Vroeger dacht ik dat wel maar ik zie nu wel in hoe nuttig de filosofische experimenten met theatertaal van andere theatermakers zijn. Het is belangrijk dat ook dat gebeurt in het theater. Bij mijzelf zou het niet passen maar ik merk wel dat ik vaak gebruik maak van de uitkomsten en experimenten van anderen in mijn eigen werk. Toch plaats ik wel eens vraagtekens bij de zoveelste bewerking van Shakespeare. Het kan mooi zijn, maar of het nog echt nodig is?'
Opvallend genoeg heeft Braspenning Disco Pigs niet gekozen vanuit de maatschappelijke inslag. De theatertekst van Enda Walsh, vertaald door Jeroen Olieslaeghers, handelt over twee jongeren die opgaan in hun eigen wereld van uitgaan en zich uitleven, waarin ze erg ver gaan in hun agressie naar de buitenwereld, tot het misgaat. Wat Braspenning hier zo in aansprak, was vooral de energie van de tekst. Het zijn harde, agressieve bewoordingen maar er zit ook een andere laag in. 'Ik verwonder me erover hoe je zo grof en gedurfd en tegelijkertijd zo poëtisch kunt zijn. Daarom heb ik in eerste plaats voor Disco Pigs gekozen', legt Braspenning uit. Pas verder in het uitwerkingsproces bleek hoe relevant de problematiek van het stuk vandaag de dag nog is. Dat is ook typerend voor de werkwijze van de regisseur. 'In de repetitieruimte wordt tijdens het werkproces voor mij vaak pas duidelijk welke boodschap er uit het stuk spreekt. Die probeer ik dan nog beter naar voren te laten komen. Ik ben daar zelf niet zo tevreden mee en wil voor volgende voorstellingen liever eerder uitvinden wat ik ze eigenlijk wil laten zeggen.'
België vs. Nederland
Toen op Festival CEMENT bleek dat Disco Pigs in Nederland erg goed ontvangen werd, ging Braspenning op zoek naar een manier om hier een tournee te regelen. Blind Date werd haar aangeraden, waar ze van de jury ook al snel toegang tot verkreeg. Ze vindt dat er in Nederland door het publiek beter gereageerd wordt op de voorstelling dan in Vlaanderen: 'Ik heb geprobeerd om de kwetsbaarheid en de agressie van de personages heel dichtbij elkaar te leggen. In België keert men zich al snel af van de hardheid van de karakters, terwijl het Nederlandse publiek over het algemeen meer moeite doet zich in te leven in de zachte kanten.' Disco Pigs zal daarom in Nederland langer touren dan in België. Momenteel vindt Braspenning het dan ook prettiger om in Nederland te werken maar dat is niet bij alle voorstellingen het geval. 'Dekaloog is rustig en overzichtelijker, dat werkt weer beter in West-Vlaanderen. Dat is daar de vraag van het publiek, terwijl het stuk in Nederland waarschijnlijk weer negatiever ontvangen wordt. Ik zou ooit nog wel eens een voorstelling willen maken die elk publiek aanspreekt', lacht Braspenning. Op de vraag waar ze over tien jaar staat, weet ze niet direct antwoord te geven. Ze wil vooral vanuit het beeldende onderzoek blijven werken, waarbij ze ongeveer een half jaar foto's neemt en dan met een zelf geschreven of bestaande theatertekst de ervaring en het verhaal op het toneel kan brengen. Ook lijkt het haar interessant om ooit als vaste regisseur aan een theatergezelschap gekoppeld te worden. De regie zal haar altijd blijven aantrekken, verwacht ze. 'Het creëren van een voorstelling is zo moeilijk, dat ik niet het gevoel heb dat ik er binnen korte tijd al klaar mee zou zijn. Het blijft voor mij uitdagend en daarom ben ik voorlopig niet van plan te stoppen als regisseur.'
Disco Pigs is in januari 2009 in verschillende theaters in het land te zien.