Ga niet naar zeeTommy Wieringa
Uitgever: De Bezige Bij
ISBN 978 90 234 5802 9
8weekly.nl |
recensie: Tommy Wieringa - Ga niet naar zeeTussen het klooster en de wereld bevindt zich de schrijverdoor Frank Heinen Op de achterkant van Ga niet naar zee staat Tommy Wieringa met zijn rug tegen een verweerde muur. Hij draagt een strohoed en op zijn schouders rust een schop. Hij heeft een fraai overhemd en een trendy broek aan. Stadsjongen op het platteland. Iedere succesvolle schrijver heeft wel ergens een column. De krant of het tijdschrift toont zich cultuurbewust door de schrijver van Joe Speedboot in een kolom zijn gang te laten gaan en de schrijver kan zijn verhaalideeën in miniatuur uitproberen op een groot lezerspubliek. En o ja, de verdiensten zijn ook niet onaardig. Fragmenten uit een leven De weg die Wieringa heeft afgelegd naar de status van 'gevestigd auteur' kan worden gevolgd door het lezen van de korte verhalen in Ga niet naar zee. Neem 'Vliegtuig', het verhaal over een man die een vliegtuig wilde bouwen: 'Ik bezoek de man die zelf een vliegtuig bouwde. Ik wil van hem weten hoe dat moet, een vliegtuig bouwen.' Later, in een volgende column, krijgt de man een naam: Joost Conijn. Mensen die de achtergrond van Joe Speedboot kennen, weten dat Conijn een van de inspiratiebronnen was voor Wieringa's fenomenale hoofdpersonage. Ook de research voor zijn laatste roman, Caesarion, wordt beschreven in enkele columns. Waarover hij in Pauw & Witteman sprak, daar schrijft hij jaren eerder al over in 'In Pornotopia': 'Op mijn verzoek om haar biograaf te worden, reageert ze niet direct afwijzend.' Alles gaat over alles Het duurde twee jaar voor ik wist wat me te doen stond met de tuin die ze achterliet. Intussen is het zover dat ik deze zomer niet weg wil, wie moet anders de bloemen zien bloeien en de tomaten water geven? Ik denk na over een haiku: een reiziger krijgt wortels omdat hij de courgettes wil zien groeien. (uit 'Vraat') Zijn andere been staat (of: stond?) in de stad, in de wereld van uitgeverijen, stations, politieke moorden en Marktplaatstransacties. Wieringa beschrijft de herinnering aan de tijd dat hij helemaal onderdeel uitmaakte van die wereld, de tijd dat hij nog geen schrijver was: Op station Utrecht Centraal verkocht ik enkeltjes, retourtjes, strippenkaarten, maandkaarten en alle mogelijke variaties daarop. Ik ben nooit erg goed thuis geraakt in het assortiment, mijn opleiding tot lokettist was kort en schimmig geweest. De verhalen in Ga niet naar zee gaan over alles: over literatuur (in sommige perioden leest Wieringa veel Canetti, in andere perioden Isaak Babel, en weer later Joseph Roth), over zijn verleden bij Rugbyclub Dwingeloo, over verloren geliefden en oude vrienden, over voorleessessies onder koud tl-licht, over zijn tijd in het klooster waar hij aan Joe Speedboot werkte (ook hierover sprak hij al eerder, in R.A.M., over willekeurige mensen die zijn pad kruisen, over de Vecht; altijd in de poëtische, ritmische, gedragen stijl van de man voor wie alles literatuur kan zijn. Uiteindelijk is ieder verhaal een schep specie in het cement tussen de stenen van zijn oeuvre. Prachtig, prachtig, prachtig.
|
FICTIE
Ga niet naar zeeTommy Wieringa Uitgever: De Bezige Bij Prijs: €18,50 288 bladzijdenISBN 978 90 234 5802 9
ZOEKEN
ADVERTENTIE
LEES OOK
FICTIE
MEER RECENSIES
|
© 1998-2012 8WEEKLY Webmagazine
|